Kleinhandelsvergunning

winkel

Omgevingsvergunning voor kleinhandelsactiviteiten

Wie een kleinhandelsbedrijf of een handelsgeheel met een netto handelsoppervlakte van meer dan 400 m² wil openen, heeft een omgevingsvergunning voor kleinhandelsactiviteiten nodig. Dat geldt zowel voor nieuwe als voor bestaande vergunde gebouwen, en zowel voor een kleinhandelsbedrijf als voor een handelsgeheel.

Deze vergunningsplicht is niet van toepassing op tijdelijke handelingen die minder dan 180 dagen per jaar plaatsvinden, op voorwaarde dat de handelsactiviteiten verenigbaar zijn met de geldende stedenbouwkundige voorschriften. In alle andere gevallen geldt een maximale duur van minder dan 90 dagen per jaar. Een gemeente kan deze termijnen inkorten in blokken van 30 dagen via een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) of een verordening.

Toepassingsgebied

Een vergunning is nodig voor nieuwe (of nog niet vergunde):

  • niet-tijdelijke kleinhandelsactiviteiten
  • in een kleinhandelsbedrijf of handelsgeheel > 400 m² netto verkoopoppervlakte

en voor wijzigingen aan bestaande kleinhandelsactiviteiten bij het:

  • samenvoegen van kleinhandelsbedrijven of kleinhandelsgehelen (netto handelsoppervlakte na samenvoeging > 400 m²)
  • uitbreiden van kleinhandelsbedrijven of kleinhandelsgehelen met meer dan 20% van de reeds vergunde netto handelsoppervlakte of met meer dan 300 m² netto verkoopoppervlakte
  • wijzigen van de categorieën van kleinhandelsactiviteiten met 10% of meer van de totale vergunde netto handelsoppervlakte of met meer dan 300 m² netto verkoopoppervlakte
  • opsplitsen van kleinhandelsbedrijven van meer dan 400 m², ongeacht of het zich in een handelsgeheel bevindt of niet

Binnen de kleinhandelsactiviteiten kunnen we zes categorieën detecteren:

  1. verkoop van voeding
  2. verkoop van goederen voor persoonsuitrusting
  3. verkoop van planten, bloemen en goederen voor land- en tuinbouw
  4. verkoop van vervoers- en transportmiddelen
  5. verkoop van volumineuze goederen die niet vallen onder de categorieën, vermeld in punt 1° tot en met 4°
  6. verkoop van niet-volumineuze goederen die niet vallen onder de categorieën, vermeld in punt 1° tot en met 4°

Een goed wordt als volumineus beschouwd als de som van de hoogte, de breedte en de diepte minimaal 2,5 m bedraagt. 

De omgevingsvergunning voor kleinhandelsactiviteiten geeft toelating voor een combinatie van één of meerdere categorie(ën) met een welbepaalde netto handelsoppervlakte op een welbepaalde locatie (perceel). De vergunning is dus gebonden aan een perceel en niet aan de aanvrager.

Hoe aanvragen?

Digitaal of analoog?

In volgende gevallen moet je je aanvraag voor kleinhandelsactiviteiten verplicht digitaal indienen:

  • als je aanvraag op de lijst van de Vlaamse projecten staat
  • als je aanvraag op de provinciale lijst staat
  • als er stedenbouwkundige handelingen mee gepaard gaan waarvoor de medewerking van een architect vereist is
  • als je aanvraag gepaard gaat met de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van de eerste of de tweede klasse.

De Vlaamse lijst en provinciale lijst kan je hier terugvinden.

Andere aanvragen dan degene die hierboven opgesomd zijn, mogen ook op papier ingediend worden. Je kan ze uiteraard ook altijd digitaal indienen via het het Omgevingsloket.

Samenstellen van een omgevingsvergunning voor kleinhandelsactiviteiten

Meer informatie over het aanvraagformulier kan je terugvinden op het omgevingsloket. In de handleiding voor aanvragers met betrekking tot aanvragen van omgevingsvergunningen voor kleinhandelsactiviteiten staat opgenomen welke delen van het algemeen aanvraagformulier je dient in te vullen en welke addenda moeten toegevoegd worden aan jouw aanvraag.

In het aanvraagformulier zijn volgende vragen relevant voor kleinhandelsactiviteiten:

  • Algemene projectgegevens (titel 1)
  • Gegevens over de procedure (titel 8)
  • Gegevens over de aanvrager (titel 9)
  • Overzicht van de bijlagen (titel 12)
  • Ondertekening door de aanvrager (titel 13)

Volgende addenda zijn relevant voor kleinhandelsactiviteiten:

  • Addendum W1: Omgevingsvergunning kleinhandelsactiviteiten
  • Addendum E1Ter: Mobiliteitstoets detailhandel. Dit addendum vul je in voor projecten die niet onder de verplichtingen van een mobiliteitsstudie (MOBER) vallen.

Verlenen van de vergunning

Het college van burgemeester en schepenen reikt de vergunning uit – behoudens enkele uitzonderingen:

  • voor kleinhandelsbedrijven met een netto handelsoppervlakte ≥ 400 m² en ≤ 1.000 m² beslist de gemeente autonoom
  • voor kleinhandelsbedrijven met een netto handelsoppervlakte > 1.000 m² moet het college van burgemeester en schepenen het advies inwinnen van het Comité voor Kleinhandel (VLAIO) voordat het de vergunning toekent.

Er zijn twee verschillende procedures, conform het omgevingsvergunningsdecreet;

  • De vereenvoudigde procedure (beslissing 60 dagen na datum ontvankelijkheid) – deze is enkel van toepassing als
    • de netto handelsoppervlakte kleiner is dan 20.000 m², én
    • er enkel een kleinhandelsvergunning vereist is (geen stedenbouwkundige of milieuaspecten) of de milieu- of stedenbouwkundige aspecten vallen eveneens onder de vereenvoudigde procedure.
  • De gewone procedure (beslissing 105 of 120 dagen na datum ontvankelijkheid) – in andere gevallen moet de gewone procedure gevolgd worden.

Verval van de vergunning

De omgevingsvergunning voor kleinhandelsactiviteiten geldt voor onbepaalde duur met een vervaltermijn van 5 jaar. De vergunning vervalt als: 

  • de kleinhandelsactiviteiten niet zijn aangevat binnen de vijf jaar na het verkrijgen van een omgevingsvergunning voor kleinhandelsactiviteiten
  • de vergunde kleinhandelsactiviteiten voor meer dan vijf jaar onderbroken worden

Wanneer de activiteiten slechts gedeeltelijk zijn aangevat, geldt deze vervalregeling alleen voor het nog niet uitgevoerde gedeelte. 

De termijn van 5 jaar wordt geschorst zolang er een beroepsprocedure lopende is, ook indien het beroep handelt over een andere omgevingsvergunning voor hetzelfde project.